aandacht werkt
Hoe je met gerichte aandacht het vervelende gedrag van je kind verandert
Kinderen zijn natuurlijk hartstikke leuk. Dat spreekt voor zich. Maar soms voel je je een politie-agent die niets anders meer kan zeggen dan ” Nee!”
” Hou nou eens op!”
” Blijf van je broertje af!”
” Wat heb ik nou gezegd!”
Terwijl je je vast had voorgenomen om je kinderen positief te benaderen, zodat ze zelfvertrouwen ontwikkelen, en jullie het gezellig hebben thuis.
Maar je kinderen maken het je soms zo moeilijk om positief te blijven!
Mijn stelling is: Lastige kinderen worden leuk door optimaal opvoeden.
Als de situatie je boven het hoofd groeit, is het tijd om te kijken wat er precies aan de hand is, en te leren hoe je dit negatieve patroon van lastig gedrag –> corrigeren –> lastig gedrag –> waarschuwen–> lastig gedrag (nog steeds! ) –> straffen –> huilbuien –> boosheid (bij jou en je kind waarschijnlijk) –> frustratie (bij jou) –> etc. kunt doorbreken.
Je kunt wachten tot je kind zich weer prettiger gaat gedragen zodat jij de kans krijgt weer aardig en positief te zijn. Beter is het om zelf het patroon om te keren. Tenslotte ben jij de volwassene… Maar hoe doe je dat?
Hoe verander je gedrag door middel van aandacht? Hoe werkt dat?
Wat belangrijk is om te weten:
Wat kinderen (en volwassenen en dieren) het liefst willen is:
positieve aandacht (zoals bijv. complimenten, schouderklopjes, knipoog, kadootje, etc.).
Is dat er niet, dan maar: negatieve aandacht (zoals bijv. een standje, straf, afkeurende blik, ‘een preek’, etc.). Dat is beter dan:
helemaal geen aandacht, dus genegeerd worden.
Dat betekent dus dat:
Gedrag dat positieve aandacht oplevert, leren we aan, en blijven we doen.
Gedrag dat negatieve aandacht oplevert, echter ook! (want dat is ook aandacht)
Gedrag dat niets oplevert (wordt genegeerd) zal het eerst verdwijnen.
Gedrag dat AF EN TOE aandacht (positief òf negatief) oplevert, wordt wonderlijk genoeg extra gestimuleerd. Denk maar aan een gokverslaving: als de fruitautomaat af en toe geld uitkeert, wordt het doorspelen extra gestimuleerd- zelfs nog meer dan als het iedere keer winst oplevert.
plan van aanpak
Als je wilt kun je nu een plan maken. Liefst met alle opvoeders samen (partner, oppasoma, oudere broer). In ieder geval laat je de mede-opvoeders het plan dat je hebt gemaakt weten- zo concreet en duidelijk mogelijk. Ga bij elkaar zitten, met pen en papier.
1. stel vast welk gedrag je vervelend/irritant/ongezond/hinderlijk vindt bij je kind. Begin met één ding. bijvoorbeeld: ‘s avonds het bed uitkomen. Of: door je heen praten terwijl je aan het telefoneren bent. Schrijf dit zo concreet mogelijk op. Vraag jezelf af of je kind oud genoeg is om het gewenste gedrag uit te voeren en weerstand kan bieden aan wat jij vervelend vindt. Als je een kind van 2 jaar bijvoorbeeld bij een volle koektrommel zet, kun je niet verwachten dat het zich kan beheersen en maar 1 koekje pakt. Zet dan liever de koektrommel weg.
2. bepaal ook welk gedrag je WEL prettig vindt. Dus bijvoorbeeld: ‘s avonds in bed blijven liggen. Of: pas gaan praten als je de telefoon hebt neergelegd. Schrijf dit ook zo precies mogelijk op. Dit is een belangrijke stap. Het opmerken van gewenst gedrag hoort er altijd bij!
3. bekijk nu als ouders/opvoeders wat je kunt doen bij het ongewenste gedrag. Kun je dat negeren of is dat niet haalbaar? Realiseer je dat als je het probeert te negeren maar op een gegeven moment hou je het niet meer en barst je los- dat je dan het gedrag juist extra stimuleert. Je geeft nu eigenlijk de boodschap af: Als je maar lang genoeg doorgaat, reageer ik uiteindelijk wel.
4. Als negeren geen optie is, bedenk dan welk zinnetje je kunt zeggen tegen je kind, liefst zo kort en zakelijk mogelijk. Begin eventueel met wat je niet goed vindt, en daarna wat je wel wilt. Bijvoorbeeld: Niet door me heen praten als ik bel, als ik klaar ben kan ik naar je luisteren. Of: ‘s Avonds lig je in je bed. Of: niet slaan, wel praten. Hoe saaier, hoe beter zou ik bijna zeggen. het is de bedoeling dat het geen verrassing is, geen avontuur, maar SSAAAIII. Zodat er voor je kind eigenlijk niks aan is om dat te horen. Herhaal dit steeds, als een mantra. Schrijf deze zin op.
5. Bedenk nu wat je gaat doen of zeggen als je kind het gewenste gedrag vertoont. Hoe ga je dit belonen? Wees je bewust van iedere keer dat je kind dit doet. Vaak is dat moeilijk omdat je misschien het gevoel hebt dat het ‘normaal’ is dat je kind dat doet, dus dat het niet opgemerkt, laat staan beloond moet worden. Maar ja, het ging niet vanzelf, dus blijkbaar is het niet ‘ gewoon’ in de zin van ‘het gaat vanzelf zo’. Spreek af wat geschikte beloningen kunnen zijn: een aai over de bol, een compliment, een sticker, iets langer opblijven in het weekend…. Neem liever geen snoep als beloning.
6. schrijf je plan op, en hou je eraan. Licht je mede-opvoeders in. Een gewoonte heeft gemiddeld drie weken nodig om af te leren en om aan te leren. Geef je gezin die tijd.
7. Soms kost het doorbreken van een gewoonte veel tijd, aandacht en energie (en irritaties, machteloosheid, hopeloosheid) Spreek af hoe je elkaar kunt steunen. Je kunt bijvoorbeeld afspreken dat je om de beurt een avond het bedritueel doet en het saaie zinnetje zegt als je kind uit bed komt. Na verloop van tijd zal het gewenste gedrag vaker voorkomen en zal de noodzaak voor het belonen verwateren.
Het kan gebeuren dat je kind eerst alle zeilen bij gaat zetten om je een reactie te ontlokken op het oude gedrag. Want het is wel raar dat je daar nu ineens niet meer op reageert! Of alleen met dat saaie zinnetje. Bereid je daar innerlijk op voor. Het kind kan met het hoofd tegen de muur gaan slaan, gaan stampvoeten, de adem in houden, een driftbui krijgen middenin een winkel. Blijf koel, en handel met zo min mogelijk aandacht, dus zakelijk (waarbij je wel zorgt dat je kind zichzelf en anderen niet beschadigt). Hou het uit! Stel ook jezelf een beloning in het vooruitzicht als het je lukt voet bij stuk te houden en rustig te blijven. Bedenk dat je heel goed bezig bent om het onacceptabele gedrag te laten uitdoven! Je kind is niet zielig. Hou het schuldgevoel verre van je. Je doet niet iets crimineels of gemeens. Je kind hoeft je niet altijd aardig te vinden. Je bent aan het opvoeden. Deze manier heet gedragstherapie en wordt veel toegepast bij gedragingen die te maken hebben met: slapen, eten, zeuren, driftaanvallen.
onderliggende oorzaak/onvrede?
Daarnaast kan het belangrijk zijn om te kijken, evt. met hulp van een therapeut, wat de onderliggende oorzaak kan zijn van het ongewenste gedrag. Voelt je kind zich verdrietig, gestrest? Heeft het teveel hooi op haar vork (of voelt het zo voor je kind)? Regelmatige, rustige en positieve aandacht , en actief luisteren naar je kind kunnen dan helpen.